Medicatie


Op de dialyseafdeling kan de nefroloog besluiten dat uw thuismedicatie gewijzigd moet worden. De arts past uw medicatielijst aan en zal u een nieuw exemplaar meegeven. Het kan ook gebeuren dat de huisarts of een specialist (zoals de cardioloog) besluit om nieuwe medicatie te starten of van een bestaand medicijn de dosering te wijzigen. Wij vragen u deze wijzigingen altijd door te geven aan het dialysecentrum.

Patiënten aan dialyse krijgen vaak specifieke medicatie toegediend:

Antistollingsmiddelen

Het bloed in een hemodialysetoestel kan gaan stollen vooral wanneer het bloed in contact komt met materialen die vreemd zijn voor het lichaam, zoals naalden, de kunstnier en de bloedlijnen. Om dit tegen te gaan wordt aan het begin van een dialysesessie bloedverdunnende medicatie gegeven: Innohep®, Clexane®, Heparine®, Arixtra® zijn de meest gebruikte antistollingsmiddelen op dialyse.

Middelen om bloedarmoede tegen te gaan

Ijzer is een bouwsteen voor de aanmaak van rode bloedcellen. Bij tekorten kan het nodig zijn dat extra ijzer (Venofer®) wordt toegediend tijdens elke dialyse. Dit gebeurt rechtstreeks via het dialysetoestel.

Erythropoetine (EPO) is een hormoon dat het beenmerg stimuleert om rode bloedcellen aan te maken. Bij een tekort wordt dit hormoon (Aranesp®), meestal om de twee weken, toegediend via het dialysetoestel.

Middelen tegen hoog kalium (Kaliumbinders)

Bij een verminderde nierwerking stapelt kalium uit de voeding zich op in het lichaam. Dit kan aanleiding geven tot levensbedreigende hartritmestoornissen.  Kalium wordt door een dialysebehandeling uit het bloed verwijderd. Soms echter blijft het kalium te hoog. Naast een kaliumarm dieet wordt dan een kaliumbinder voorgeschreven: Kayexalate Ca® of Sorbisterit®. Dit zijn middelen die het kalium uit de voeding binden. Het is belangrijk om deze BIJ de maaltijd in te nemen. Meestal dienen kaliumbinders ingenomen te worden bij de warme maaltijd of hoofdmaaltijd, omdat deze maaltijd het meest rijk is aan kalium. Als U niet eet, vb door ziekte, is het niet nodig dat u dit geneesmiddel inneemt.

Een bijwerking van kaliumbinders is moeilijke stoelgang. Bij problemen meld je dit best aan de nefroloog. Er kan dan een middel toegediend worden om de stoelgang te vergemakkelijken zoals Movicol®, Forlax®, Sorbitol, Lactulose, Bifiteral®.

Middelen om het fosfor te binden (Fosfaatbinders)

Als de nieren minder werken, stapelt fosfor zich op in het lichaam. Naast een fosfor-arm dieet kan de nefroloog u fosfaatbinders voorschrijven om het fosfor uit de voeding te binden. Belangrijk is om deze middelen BIJ de maaltijd in te nemen.  Voorbeelden van fosfaatbinders zijn Renvela®, Renepho®, Fosrenol®, Calciumcarbonaat. Als u niet eet, vb door ziekte, dient u deze medicatie ook niet in te nemen.

Vitaminen

U krijgt aan dialyse bepaalde vitaminen toegediend omdat er tijdens dialyse een verlies is van deze vitaminen: Een vitamine B-preparaat (Neurobion®) wordt 6wekelijks toegediend. Foliumzuur (Elvorine®) wordt maandelijks toegediend via het dialysetoestel. Binnenkort zullen deze producten vervangen worden door Renavit®, een pil die na elke dialyse dient ingenomen te worden.

Vaak kan u gevraagd worden om vitamine D (D-cure® of 1-alpha Leo®) in te nemen. Dit is nodig om de botten sterk te houden en een te snel werkende bijschildklier af te remmen.

Middelen om de bijschildklierwerking af te remmen

Een te snel werkende bijschildklier veroorzaakt botontkalking en aderverkalking. Soms zal de nefroloog middelen voorschrijven om de werking van de bijschildklier te remmen. Voorbeeld van deze medicatie is Mimpara® en Parsabiv®.

Bicarbonaat

Uw bloed kan zuurder worden als de nieren niet goed werken. Om de zure moleculen te neutraliseren, kan de nefroloog u natriumbicarbonaat voorschrijven. Belangrijk is om deze middelen los van de maaltijd in te nemen. Bij de maaltijd gaat de werking ervan immers verloren door binding aan de voeding, wat niet de bedoeling is.

Stoelgang bevorderende medicatie

Indien u behandeld wordt met peritoneale dialyse zal u medicatie krijgen om de stoelgang te bevorderen zoals vb Movicol® . Dit is noodzakelijk voor een goede werking van de katheter.